Middenin de drukte van de stad is een stukje Parijs uit de vorige eeuw bewaard en verborgen gebleven. Of nou ja verborgen. Een echt geheim is het niet meer als je de rijen die er soms staan mag geloven. Maar zet je daar even overheen – of beter nog: ga vroeg. Want het is het waard.

Als je eenmaal binnen bent, kan ik me voorstellen dat je even in de veronderstelling bent dat je nu in een mega chique tent bent beland. Bouillon Chartier is namelijk gevestigd in een soort balzaal uit vervlogen tijden met spiegels langs de wanden, lange banken en (uitsluitend mannelijke) obers met de welbekende pinguin-outfit.

Die obers zijn trouwens niet per se heel vriendelijk (het was te verwachten in Parijs), maar wel snel en passend bij de gehele setting. Maar nu: het eten. Dat is klassiek Frans en simpel – wat je bestelt is hier wat je krijgt. Een groene salade is echt een kommetje groene kropsla met een eenvoudige dressing. En een steak frites is gewoon een verdomd goede steak, maar met ook niks meer of minder. Verder vind je op de kaart uiteraard ook slakken, steak tartaar en bavette. En zo typisch onaardig als de bediening is, zo a-typisch Frans zijn de prijzen; die zijn namelijk echt laag. En dus kun je lekker veel bestellen.

Dat bestellen gaat ook lekker oldschool. Op de papieren tafelkleden word door de obers gedurende de avond opgeschreven wat je kiest en aan het eind van de avond wordt ook dezelfde plek een simpele optelsom gemaakt voor de rekening.

Doe jezelf een plezier en ga niet van tafel voor je de choux chantilly hebt besteld. Oja en als je een stukje Bouillon mee naar huis wil nemen, is ook daar heel slim over nagedacht: op weg naar buiten is een heuse giftshop waar je merchandise zoals borden, tafelkleden, glazen en stationary kunt kopen. Knappe jongen die dat weet te weerstaan.