Er gingen weliswaar al heel wat edities aan vooraf, maar afgelopen maand waren we dan eindelijk ook aanwezig op een 010/020 diner. Een diner dat de culinaire overeenkomsten en het beste van Rotterdam en Amsterdam etaleert.

De inspirerende boodschap die organisatoren Guus Thijssen (Guustronomie), Melissa Korn (ik eet cultuur), Maureen de Jong (’t kleinkookbedrijf), Lot Piscaer (culinair journalist) in samenwerking met meer dan twintig chefs en de mannen van Entrepot wilden uitdragen was: we eten allemaal hetzelfde.

In verschillende rondes waarin telkens werd gekeken naar verschillende bereidingswijzen die we toch allemaal gemeen hebben. Denk aan het feit dat bijna iedere culinaire cultuur een soort gerecht of traditie heeft met het bakken en eten van deeg dat gevuld is met brood. En dat als het diner niet zou draaien om brood het dan vaak wel begint met brood. Zo ook tijdens deze avond. Nadat een wijn was uitgekozen – een bijpassende wijn was natuurlijk onmogelijk gezien de hoeveelheid verschillende gerechten in rap tempo – begonnen we met vers zuurdesembrood met drie soorten miso in plaats van standaard boter en zout.

Dat brood en deeg een centraal thema was tijdens dit diner werd dus al snel duidelijk. Want de eerste ronde aan gerechten heette platgoed begon met het zuurdesem platbrood van Merijn Tol dat werd gegeten met gekonfijnte citroen & gemixte pickles van Thull’s.

Jianbing is echt zo’n gerecht wat we steeds vaker zien en wat wij echt een verrijking van onze Nederlandse eetcultuur vinden en dus absoluut ook thuishoorde op dit diner. Deze kruising tussen een crèpe en omelet wordt vaak gevuld met hoisin saus, sla en krokant gefrituurd deeg.

En als laatste een gerecht dat ons weer deed realiseren hoe blij we toch zijn met de komst van Coba – stiekem ook niks mis met de betere (!) “ordinaire” Mexicaan, maar Coba is verfijnd en eenvoudig en toch ook onmiskenbaar Mexicaans. En zo ook dit gerecht. Op een blauwe maïstortilla (van Taiyari) serveerden ze een soft shell crab met verder enkel wat salsa en limoensap.

Hierna volgde een ronde met hapjes gebaseerd op het idee dat je in vrijwel iedere culinaire cultuur minimaal een gerecht vindt met deeg met vulling. Zonder twijfel was dit overigens ook de favoriete “gang” van het diner van ondergetekende.

Op de foto links zie je agnolotti del plin in brodo van Flavio Carestia van restaurant Domenica. Agnolotti is de Piemontese variant van tortellini en proef je vrijwel nergens in Nederland (of sowieso buiten Piemonte).

Toen ik een tijd geleden kookte met een Syrische dame kwam ik voor het eerst zelf in aanraking met het gebruik om eten te koken in yoghurt. Dus ik was blij verrast toen ik zag dat chef Mohammed Alsaleh Shish Barak zou serveren. Deze dunne deeghoedjes waren gevuld met gekruid vlees en dus vervolgens gekookt in yoghurt wat zorgt dat de combinatie iets heel fris, maar toch romigs is.

En een dumpling nieuwe stijl van Tim Kan die we aten met een waanzinnige Fire Cider Jelly Loop van Manenwolf’s. De dumpling nieuwe stijl deed ons eigenlijk vooral denken aan een opgerold bapaodeegje, maar dan dus niet met een verborgen vulling aan de binnenkant, maar haast als een soort sushi opgerold en leek qua looks misschien nog het meest op een cinnamon roll.

Daarna volgde geitenvlees en geroosterde groenten van Entrepot en Fermin. Ansich simpel, maar door allerlei kleine schaaltjes met verschillende sauzen, chutneys, en sambals kon je zelf de geit “aankleden”. Zo was er harissa & chermoula van Couscousbar, passievruchtensambal & een goddelijke uienchutney van Coco en krengsengan & urap van Titi Waber van Restaurant Blauw. Niet alleen heel lekker allemaal, maar ook een mooie manier om geitenvlees – een dier dat door meerdere keukens (denk bijvoorbeeld aan de Indonesische keuken, maar ook het Midden-Oosten) wordt gebruikt ook op meerdere manieren te proeven en zo wederom te illustreren hoe culinaire culturen elkaar kunnen overlappen.

Het diner werd afgesloten met een bijzonder dessert van Café Remouillage: gepocheerde aubergine met palmsuikersiroop, crème cru en sesam. En (helaas niet op de foto) een trio van bessen van Anastasia de Ruyter van Lof der zoetheid.

Er valt haast geen conclusie te trekken na zo’n avond – los van het feit dat alles, maar dan ook echt alles, heel lekker was – met zoveel gerechten. Maar wat je sowieso wel kunt stellen is dat 010 en 020 een culinair repetoir hebben waar we heel trots op mogen zijn en misschien nog wel meer hoe goed die afspiegelt hoe multicultureel de steden ook zijn. En hoe eten ons dan uiteindelijk ook weer allemaal met elkaar verbindt. Want misschien nog voor we elkaar goed kennen en begrijpen, begrijpen we elkaars eten. En laat dat dan op zijn minst een goed startpunt zijn.